Hardop bidden          

‘Veel mensen zouden wel willen bijbellezen en hardop bidden aan tafel thuis, maar durven niet. Ze weten niet hoe ze moeten beginnen. Hoe kunnen we elkaar daarbij helpen?’

Deze vraag bespraken we als leden van de Algemene Kerkenraad aan het begin van één van onze vergaderingen. Al enige tijd hebben we als Algemene Kerkenraad de gewoonte om het boekje ‘Gemeente van Christus’ van dr. A van de Beek te bespreken. Hoofdstuk voor hoofdstuk nemen we het boekje door. Ieder hoofdstuk sluit af met een serie vragen. Eén of twee vragen vormen de leidraad voor het geestelijke gesprek dat we aan het begin van iedere vergadering voeren. Aan het einde van één van de hoofdstukken staat bovengenoemde vraag.

In het gesprek dat volgde naar aanleiding van de (hulp)vraag, kwam vooral het punt ‘hardop bidden’ aan de orde. Ouderlingen komen in het bezoekwerk tegen dat broeders en zusters schroom hebben om in het gezin hardop te bidden. Hardop bidden aan tafel voor of na de maaltijd is niet vanzelfsprekend.

De vraag ’leer ons bidden’ is een eeuwenoude vraag. De vraag ’leer ons bidden’ is een bijbelse vraag. In Lucas 11: 1 lezen we: ‘En het geschiedde, terwijl Hij ergens in gebed was, dat één van zijn discipelen, toen Hij ophield, tot Hem zeide: Here, leer ons bidden’. We kunnen ons deze vraag van de discipelen voorstellen. De Here Jezus, de Grote Leermeester, reageerde door Zijn leerlingen het ‘Onze Vader’ aan te reiken. Een gebed dat in veel kerkelijke gemeenten iedere zondag hardop gebeden wordt. Een gebed dat in veel gezinnen voor of na de maaltijd gebeden wordt.

Het ‘Onze Vader’ kan een eerste oefening zijn om op enig moment te beginnen met hardop bidden rondom de maaltijd. Je kunt zodoende het hardop bidden op een eenvoudige manier oefenen. Vanzelfsprekend geldt dat ook voor hardop bijbellezen. Door dagelijks hardop uit de Bijbel te lezen blijf je immers een geoefende lezer. Zo kun je ook een geoefende bidder zijn door dagelijks hardop te bidden. Door dagelijks te oefenen ontwikkel je.

Het is belangrijk dat er binnen het gezin openheid is naar elkaar. Openheid geeft vertrouwen en rust. Van te voren nadenken over de onderwerpen waarvoor je bidt is tevens een aanbeveling. Het is goed om van te voren na te denken over de gebedsthema’s. Hetzelfde geldt voor de volgorde in het gebed van zoals: lofprijzing, voorbede en dankzegging.

De openheid betreft ook het openstaan voor de leiding van de Heilige Geest. De Geest kan je als bidder gebruiken. Het kan je gebeuren dat een hardop uitgesproken gebed je achteraf verrast. Je hebt de woorden letterlijk ontvangen.

Door op jonge leeftijd hardop bidden te leren, maakt dat je op latere leeftijd niet terugschrikt voor hardop bidden. Het is een mooi en belangrijk onderdeel van de opvoeding. Als ouders hierin het voorbeeld geven mag niet ongenoemd blijven. Het vraagt rust in het gezin waarbij de maaltijd gezamenlijk afgesloten wordt met bijbellezing en een hardop uitgesproken gebed. Kinderen daarbij de gelegenheid geven in eenvoudige woorden aan tafel te bidden is één van de genoemde aanbevelingen Zo wordt/is het gezin een oefenplaats waar gebedsontwikkeling plaats kan vinden.

Aan het einde van het gesprek in de Algemene Kerkenraad werd de bespreking van de vraag uit het boekje van dr. Van de Beek samengevat in enkele kernwoorden. De zes samenvattende woorden begonnen allemaal met de letter O: Onze Vader, oefenen, openheid, onderwerpen, opvoeding en ontwikkeling. Deze zes woorden geven een mooie geheugensteun om anderen te helpen bij het hardop bidden aan tafel thuis.

W.J. Dunsbergen, preses Algemene Kerkenraad