Reichsbürger

Reichsbürger
Vorige week kwamen de Reichsbürger in het nieuws. Een ‘enge’ groep in Duitsland die de huidige Duitse staat niet erkent.
Leden van deze club verlangen terug naar de tijd van het keizerrijk met bijbehorende vlag. Sommigen weigeren zelfs belasting te betalen en boetes te voldoen. De voorman is een prins aan wie trouwens zijn adellijke titel al lang ontnomen is. Hij had een warrig verhaal, waarin in ieder geval duidelijk naar voren kwam dat in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw er een serieuze poging ondernomen zou zijn om van het ‘joodse probleem’ af te komen. Duitsland zou hier samengewerkt hebben met de Amerikanen…. Dit laatste is in ieder geval onjuist. Maar tot zijn spijt is het plan mislukt. Zeker, in Duitsland was er door Hitler en consorten een ‘oplossing’ bedacht voor het ‘joodse probleem’, de eindoplossing: de ‘Endlösung’. We weten wat die bracht: de gaskamer. Zes miljoen Joden zijn omgebracht en omgekomen.

Antisemitisme
Het antisemitisme blijkt vandaag de dag alles behalve dood. In de ideologie van de Reichsbürger is het springlevend. Ook in Oost-Europa is er een toenemende tendens. Om van de Arabische wereld maar te zwijgen. En hoe is het in West-Europa, in Nederland? Ook hier valt het bepaald niet mee. Synagogen, Joodse scholen, Joodse restaurants – alles wat Jood of Joods is, zucht onder beveiliging. Zonder is veel te riskant. ‘Jood’ is een scheldwoord, waarmee een bekende Amsterdamse voetbalclub wordt gediskwalificeerd door aanhangers van andere clubs. En dat zegt wel wat. Ook bij sommige politieke partijen zijn ‘enge’ woorden te beluisteren. De Joden hebben het altijd weer gedaan….

De Jood
Het gaat in mijn stukje deze week over de Joden. Kort samengevat: de Jood heeft het altijd weer gedaan. Er is er één die de Jood bij uitstek is. Dat is Jezus, de Messias. Hij was geboren uit een Joods meisje, uit Nazareth. God werd niet maar mens, wat we met Kerstfeest vieren, Hij werd een Joods mens. Hij was een Jood. Hij was dé Jood. Op de achtergrond van het antisemitisme, de haat tegen de Joden, schuilt de haat tegen dé Jood. Tegen Jezus. Tegen de God van Israël. De ergernis over de Joden heeft zijn achtergrond in de ergernis over Jezus Christus.

Huiswerk
We vieren Advent. We bereiden ons voor op de viering van het Kerstfeest. De God van Israël kwam in de wereld via de schoot van een Joodse vrouw. Voor een christen is antisemitisme dus een onmogelijke mogelijkheid. Je zaagt dan de tak af waarop je zit. De adventstijd drijft ons aan om bij onszelf, in onze samenleving, in de wereld alert te zijn op antisemitische uitingen. Om zo nodig ons hiervan te bekeren en het heil van het volk waarmee de HEER zich op bijzondere wijze heeft verbonden, waarmee Jezus zich identificeert, te zoeken. Er is wat dit aangaat nog heel wat huiswerk te verrichten.

Een vriendelijke groet, ds. G.J. Mink